visitors on myspace
HET WAANBEELD VAN DE VRIJE WIL | POSITIEF ATHEÏSME <>

HET WAANBEELD VAN DE VRIJE WIL

SAM HARRIS

image7313


Al ons gedrag kan teruggevoerd worden tot biologische gebeurtenissen waarvan we geen bewuste kennis hebben.


 Soms ontdekt de wetenschap waarheden die teveel in tegenspraak zijn met onze intuïtie, of die voor ons te onverteerbaar zijn om te accepteren. De oplossing van het probleem van de “vrije wil” is zo’n soort waarheid. Dat veel wetenschappers dit nog steeds als open kwestie beschouwen heeft niets te maken met de grenzen van onze kennis: het betekent eerder een collectief gebrek aan intellectuele moed.


   De vrije wil is een illusie. Het bewuste “zelf” is niet de oorsprong van zijn gedachten, inzichten, emoties en bedoelingen. Op ieder willekeurig moment weten we eenvoudig niet waarom we denken of ons gedragen zoals we doen. Onze wil is niet iets dat we zelf gemaakt hebben. Voor het grootste deel van een eeuw hebben we dit al geweten, en toch spreken veel wetenschappers er nog steeds over alsof menselijke gedachten en gedragingen oermysteries zijn waar de natuurwetten zich naar moeten schikken.


   De terughoudendheid van wetenschappers over dit onderwerp is begrijpelijk: als we het idee van de vrije wil volledig zouden loslaten, zou dit een cultuuroorlog bevorderen die nog  meer twist zou uitlokken dan over het onderwerp van evolutie. Anders dan bij veel overige academische kwesties, staat bij de meeste mensen de vrije wil centraal in hun conceptie van zichzelf, en raakt het aan bijna alles dat zij hoog houden – persoonlijke relaties, morele verantwoordelijkheid, de wet, politiek, religie, het openbare leven, enzovoort. Het prijsgeven van deze notie schijnt onze manier van denken over deze kwesties onmiddellijk te destabiliseren.


   Zonder vrije wil zouden zondaars en misdadigers niet meer zijn dan slecht afgestelde uurwerken, en iedere conceptie van rechtvaardigheid waarbij de nadruk op bestraffing lag (in plaats van afschrikking, rehabilitatie, of enkel inperking) zou erg onlogisch lijken. En diegenen van ons die hard werken en volgens de regels leven, zouden ons succes in diepere zin niet “verdienen”. Mensen neigen ertoe deze conclusies intellectueel en ethisch weerzinwekkend te vinden. 


   Maar in feite is de vrije wil meer (of minder) dan een illusie, in zoverre dat het conceptueel zelfs niet op coherente wijze kan worden weergegeven. Of onze wil wordt bepaald door eerdere oorzaken, en zijn we er niet verantwoordelijk voor, of ze zijn het product van toeval en zijn we er niet verantwoordelijk voor. Als iemands “keuze” om de president neer te schieten wordt bepaald door een bepaald patroon van neurale activiteit, en die neurale activiteit op zijn beurt het product is van eerdere oorzaken – misschien een ongelukkige samenloop van verkeerde genen, een slechte jeugd en blootstelling aan kosmische straling – wat kan het dan nog betekenen te zeggen dat zijn wil vrij is? Niemand heeft ooit nog een manier beschreven waarop mentale en fysieke gebeurtenissen konden ontstaan die het bestaan van een dergelijke vrijheid aantonen. De meeste illusies zijn van degelijker materiaal dan dit.


   In fysieke termen is iedere menselijke actie te herleiden tot een totaalsom van onpersoonlijke gebeurtenissen die hun invloed uitoefenen; genen worden getranscribeerd, neurotransmitters maken contact met hun receptoren, spieren trekken samen, en iemand haalt de trekker van zijn geweer over. Maar, om de noties van ons gezond verstand  over menselijk gedrag overeind te houden, kunnen onze acties niet slechts de normale producten van onze biologie zijn, van onze conditionering, of van wat dan ook dat anderen aanleiding geeft tot voorspelling daarvan.


DOORBRAAK

   Als gevolg houden sommige wetenschappers en filosofen vol dat de onbepaalbaarheid van kwantumprocessen, op het niveau van de neuron of zijn samenstellende deeltjes, een vorm van mentaal leven kan opleveren die vrij zou staan van de causale orde. Toch is dergelijke speculatie zinloos – want een onbepaalde wereld, geregeerd door toeval of kwantum waarschijnlijkheden, zou de mens niet meer autonomie verlenen dan men aan een roulettewiel toekent, als dat in het brein geinstalleerd zou kunnen worden. Als we werkelijk onafhankelijk van eerdere patronen zouden zijn, zou op ieder gebaar de verklaring toepasselijk zijn, “Ik weet niet wat over me kwam.” Toevallige gebeurtenissen zijn juist die waarvoor we geen verantwoordelijkheid kunnen nemen.


   En toch, hoewel we er geen plaats voor kunnen vinden in de causale orde, wordt aan de notie van vrije wil opmerkelijk ontzag betoond in de wetenschappelijke en filosofische literatuur, zelfs door degenen die geloven dat de geest geheel afhankelijk is van de werking van de hersens. De waarheid is echter dat de vrije wil zelfs niet overeenkomt met enig subjectief feit over ons, want introspectie verwerpt dit idee al snel, net zoals de vergelijkingen van de fysica dit al hebben gedaan. Ogenschijnlijke uitingen van eigen wil ontstaan gewoon spontaan (hetzij veroorzaakt, onveroorzaakt of naar het probabilistische neigend, het maakt allemaal geen verschil), en kunnen niet herleid worden tot een beginpunt in de gedachtenstroom. Een moment van serieus zelf-onderzoek zal u doen inzien dat u uw volgende gedachte net zo min kunt bepalen als de volgende die ik hier ga schrijven.


   Al onze gedragingen kunnen herleid worden tot biologische gebeurtenissen waarvan we geen bewuste kennis dragen.  In de tachtiger jaren van de vorige eeuw toonde de neurofysioloog Benjamin Libet aan dat activiteit in het motorisch deel van het brein gedetecteerd kan worden 300 milliseconden voordat een persoon voelt dat hij besloten heeft te bewegen. Recentelijk gebruikte een ander laboratorium functionele MRI gegevens om aan te tonen dat sommige “bewuste” besluiten wel tien seconden voordat ze tot het bewustzijn doordringen, voorspeld kunnen worden (al veel eerder dan de voorbereidende motorische activiteit die Libet ontdekte). Het is duidelijk dat dit soort ontdekkingen moeilijk in overeenstemming zijn te brengen met gevoel dat men zelf de bewuste bron is van zijn gedachten en handelingen.


   Of we dit nu leuk vinden of niet, deze waarheden over de menselijke psychologie hebben politieke implicaties, omdat liberalen en conservatieven hier niet gelijkelijk verward over zijn. Liberalen begrijpen meestal wel dat iedere persoon een samenvloeiing van krachten is die hij niet zelf tot bestaan bracht – en dat we het in dit opzicht gelukkig of ongelukkig  kunnen treffen. De conservatieven echter, hebben van individualisme een religieus fetisj gemaakt.


   Velen schijnen zich er absoluut niet bewust van te zijn hoeveel geluk men moet hebben om in dit leven ergens in te slagen, ongeacht hoe hard men daaraan werkt. Men moet geluk hebben om te kunnen werken. Men moet geluk hebben om intelligent te zijn en fysiek gezond, en om niet op middelbare leeftijd failliet te gaan door de ziekte van een echtgenoot. (red.: De auteur refereert hier natuurlijk aan de nog immer non-existente volksgezondheidszorg in de VS).


   De ongelijkheid in menselijk geluk is zowel moreel relevant als aangrijpend om te overwegen. Als ik geboren zou zijn met de hersens, het lichaam en de ervaringen van Ted Bundy, zou ik Ted Bundy zijn geweest – een serie-moordenaar die voor zijn misdaden ter dood werd gebracht. Er is geen extra deel aan mij dat weerstand zou hebben kunnen bieden aan het volgen van deze levensweg. En zelfs als een onsterfelijke ziel in mijn hersens zou rondwaren, zou mijn wil niet meer autonomie verwerven. Iedereen die ter wereld komt met de ziel van een serie-moordenaar is inderdaad ongelukkig.


   Kijk eens naar de biografie van iedere willekeurige “self-made” man, en u zult zien dat zijn succes geheel afhankelijk was van de condities van de achtergrond die hij zelf niet maakte, maar waar hij slechts van profiteerde. Er bestaat geen persoon op aarde die zijn genome kon kiezen, of het land van zijn geboorte, of de politieke en economische condities die de overhand hadden tijdens cruciale stadia in zijn ontwikkeling. En toch, wonend in Amerika, heb ik de sterke indruk dat als ik de gemiddelde conservatief zou vragen waarom hij niet met een klompvoet geboren was, of waarom hij geen weeskind werd voor zijn vijfde levensjaar, hij niet zou aarzelen zelf de eer op te eisen voor deze prestaties.


   Zelfs als u gestreden heeft om het meest te halen uit wat de natuur u gegeven heeft, moet u nog steeds toegeven dat uw vaardigheid en neiging tot strijden deel van uw erfenis zijn. Hoeveel crediet verdient iemand voor het niet lui zijn? Helemaal niets. Luiheid, net als ijver, is een neurologische conditie. Natuurlijk hebben conservatieven gelijk als ze vinden dat we mensen moeten aanmoedigen om te werken zo goed als ze kunnen, en profiteurs ontmoedigen waar we dit maar mogelijk is. En het is verstandig mensen verantwoordelijk te stellen voor hun acties, als we door ze op die manier te behandelen hun gedrag kunnen beïnvloeden en daarmee de samenleving begunstigen. Maar dat betekent nog niet dat we de cognitieve illusie van vrije wil moeten bekrachtigen. We moeten alleen erkennen dat inspanningen er toe doen, en dat mensen kunnen veranderen. We kunnen onszelf niet veranderen, maar we beïnvloeden doorlopend, en worden beïnvloed door de wereld om ons heen.


KEUZES, KEUZES

  De denkbeeldigheid van de vrije wil maakt de keuzes die we in het leven maken niet minder belangrijk. Zoals mijn vriend Daniel Dennett er op heeft gewezen, verwarren veel mensen determinisme met fatalisme. Dit geeft aanleiding tot zulke vragen als, “Als alles bepaald is, waarom zou ik dan nog iets doen? Waarom niet gewoon niets doen, en zien wat er van komt?” Dat onze keuzes afhangen van eerdere oorzaken betekent niet dat ze er niet aan toe doen. Als ik niet besloten had dit artikel te schrijven, zou het zichzelf niet geschreven hebben. 


   Mijn keus om het te schrijven was ongetwijfeld de primaire oorzaak waaruit het ontstond. Beslissingen, bedoelingen, inspanningen, doelen en wilskracht zijn causale  staten van het brein, die tot specifiek gedrag leiden, en gedragingen leiden tot resultaten in de wereld. De menselijke keuzes zijn daarom zo belangrijk als liefhebbers van vrije wil geloven. Maar de volgende keuze die u maakt zal niettemin ontstaan uit de duisternis van eerdere oorzaken die u, als bewuste getuige van uw ondervinding, zelf niet veroorzaakte.


   Het lijkt slechts fatsoenlijk in deze tijd van algemeen verbreide economische tegenspoed om toe te geven hoeveel geluk nodig is om in de wereld te slagen. Degenen die vooral geluk hadden – de knappen, gezonden, met goede connecties en rijk – zouden zichzelf gelukkig moeten prijzen, om daarna iets van hun zegeningen te delen met de rest van de gemeenschap. Ongelukkigerwijze zal een geloof in de vrije wil daarbij vaak in de weg staan.

_____


Bron: New Statesman, 19 december 2011


twitter-icon-64



OVERIGE ARTIKELEN/SITE MAP

Alle vertalingen van artikelen © Peter van Montfoort