visitors on myspace
NIET ALLE DOMINEES GELOVEN | POSITIEF ATHEÏSME <>

NIET ALLE DOMINEES GELOVEN

Peter

PETER VAN MONTFOORT

image7313





"geestelijke:' een man die het beheer over ons geestelijk welzijn op zich neemt als methode om zijn wereldlijk welzijn te verbeteren.'  Ambrose Bierce


Een verrassend bericht in NRC Handelsblad dd. 23 september 2006:


Niet alle dominees zijn beroepsgelovigen

 "Zes procent (red. Positief Atheisme: Correctie! moet zijn 14 procent, zie rapport) van degenen die iedere zondag op de kansel staan, zegt niet te weten of er een God of een hogere macht is. Twee procent is er zelfs van overtuigd dat God niet bestaat. Dat blijkt uit een onderzoek dat is uitgevoerd door de Interkerkelijke Omroep Nederland (IKON) in samenwerking met de Vrije Universiteit in Amsterdam. De door moderne theologen voorgestane gedachte dat God een product is van de menselijke verbeelding, wordt door 61 procent van de onderzochte predikanten afgewezen. Tweederde van alle predikanten gelooft in een God die zich met ieder mens persoonlijk bezighoudt. Driekwart wijst de opvatting af dat bidden niet meer is dan een dialoog met jezelf. Opvallend is dat jongere predikanten vaker traditionele godsbeelden aanhangen dan oudere collegae. Een mogelijke verklaring hiervoor is, volgens de onderzoekers, dat de jongste generatie opgegroeid is in een goeddeels geseculariseerde cultuur.

   'Je zou deze pastores de overblijvers of de nieuwe conservatieven kunnen noemen', aldus het rapport.

   Het onderzoek is uitgevoerd onder 860 pastores van de Protestantse Kerk Nederland (PKN), de Evangelische Broedergemeente, de Molukse Evangelische Kerk, het Leger des Heils, oud-katholieken, doopsgezinden en remonstranten. Deze kerken participeren in de IKON. Predikanten van orthodox gereformeerde, evangelische en reformatorische kerken werden niet onderzocht. Volgens onderzoeksleider Hijme Stoffels ontbrak het geld om deze pastores bij het onderzoek te betrekken."

   Het rapport 'God is een verhaal' is te lezen via www.ikon.nl/godsbeelden. Tot zover dit bericht.


   Aangenaam verrast door deze veelbelovende krantenkop — immers, hoe minder bijgeloof in deze wereld, hoe groter haar vooruitgang kan zijn, en hoe effectiever ziekte en armoede bestreden en voorkomen kunnen worden (bijvoorbeeld door vaccinatie voor alle zuigelingen in de 'Bible Belt', geen ongebreidelde gezinsuitbreidingen meer op aansporing van een onverantwoordelijke geestelijkheid, geen condoomverbod dat de verspreiding van aids bevordert, etc.). En bovendien, minder verdeeldheid onder bevolkingsgroepen, en een groter persoonlijk geluk en gemoedsrust voor diegenen die vanaf hun kinderjaren onder de schaduw van vrees moesten leven voor de toorn van God en een eeuwige verdoemenis. Verheugd gingen wij verder lezen op de boven genoemde website.

   Want bij de atheïstische lezer doemen bij het lezen van een dergelijk bericht terstond allerlei vragen op. Want nog eerder kunnen wij ons een veganistische slager voorstellen dan een agnostische of zelfs atheïstische dominee. Eén op de zeven nog wel! Hoe gewetensvol kan zo iemand dan nog zijn beroep uitoefenen? Bestaat dat dan niet juist uit de verkondiging van "Gods Woord"'? En het volgens dit verdorven boek afroepen dat een ieder die zich niet aan dit bijgeloof onderwerpt, voor eeuwig verdoemd zal zijn?

   Maar hoe kan men dit dan nog verkondigen en toelichten, als men zelfs niet meer in het bestaan van de beweerde auteur van deze onzin gelooft? Geloven deze voorgangers dan misschien nog wel in de scheppingsmythe? En in de peilloze wreedheid van het zondvloed verhaal? Kunnen ze hun toehoorders dan nog wel overtuigen van een gelukzalig hiernamaals — of bedreigen met eeuwige verdoemenis — wanneer zij de geboden van die God waarin ze zelf niet geloven, niet opvolgen? En bovenal, kunnen ze zichzelf nog in de spiegel recht in de ogen kijken?

   Helaas! Dergelijke gewetensvragen komen in het rapport niet aan bod. Zijn die voor christelijke voorgangers misschien minder belangrijk? Sporen zij hun volgelingen dan wel aan tot gewetensonderzoek, zonder dit voor zichzelf nodig te vinden? 

   Men mag toch aannemen dat dit onderzoek niet uitsluitend gericht was op het vaststellen van puur statistische gegevens. Statistisch onderzoek heeft toch gewoonlijk als doel zwakke plekken op te sporen en beleid doelgericht aan te passen?

   Maar voor alles moeten we hier vaststellen dat er moed vereist was om deze — voor de opdrachtgevers toch teleurstellende — gegevens uit dit onderzoek openbaar te maken. Daarom verdienen IKON en Vrije Universiteit ruimschoots onze lof voor hun openhartigheid. Want de verwarring onder het toch al afnemende aantal gelovigen moet hierdoor onvermijdelijk nog toenemen.

   'En u, dominee, gelooft u nog in wat u preekt?' zal menig intelligente kerkganger zijn voorganger nu vragen. En zelfs als de gevraagde dit bevestigend zal beantwoorden, zal toch de achterdocht meestal blijven sluimeren. Want wie kun je nu nog vertrouwen, als blijkt dat veel "dienaren Gods" zelf niet meer in hun handelswaar geloven?

   Tot slot enige opmerkingen bij het rapport zelf. Om dit artikel niet onnodig uitgebreid te laten worden, raden wij de lezer aan het bewuste rapport (in PDF formaat) zelf te downloaden vanaf www.ikon.nl/godsbeelden 

   Bij de inleiding: De respons op de gehouden enquête was slechts 27 procent. Voor de organisatoren moet dit teleurstellend laag zijn. Er bestond kennelijk weinig behoefte onder deze beroepsgroep om al te openhartig over de invulling van de zelfopgelegde taak te zijn. Maar mogelijk heeft ook de vrij korte periode in een bovendien zomerse maand een beperkende invloed uitgeoefend. Zo'n dominee moet tenslotte iedere zondag (even) werken!

   Bij de samenvatting. pt. 6, 7 en 8. Opvallend blijkt hier weer eens dat vrouwen vaak verstandiger zijn dan mannen, ook in geloofszaken. (Ter voorkoming van misverstand, schrijver dezes is van het mannelijk geslacht.)

   Bij pt. 8. Zie de vetgedrukte passage: Bij pastores van PKN en de meeste andere kerkgenootschappen is de gedachte dat al het spreken over God een kwestie van menselijke verbeelding is, in ieder geval substantieel aanwezig. Dit komt al ver tegemoet aan onze stelling: 'En de mens schiep God, naar zijn beeld en gelijkenis.'

   Bij pt. 9. Hier vermeldt men dat een zeer ruime meerderheid (95 procent) geantwoord heeft te geloven dat mensen 'God' kunnen ervaren. De kracht van illusie!

   Maar uit pt. 1 blijkt dat veertien procent van de ondervraagden agnostisch is en twee procent zelfs atheïstisch. Toch moet een deel van hen in die 95 procent inbegrepen zijn. (95 + 16 zou een totaal van 111 procent opleveren ....) Hoe cynisch moet men zijn om te geloven dat mensen iets kunnen ervaren waarin men zelf niet gelooft? Een wel zeer ruimhartige taakopvatting, die om nadere verklaring vraagt. Heeft men de enquête wel naar eer en geweten ingevuld?

   Bij pt. 12. Hoe weinig eensgezind christenen zijn in hun uitleg van de 'Universele Goddelijke Waarheid' is bij atheïsten al langer bekend, maar wordt hier uit onverdachte bron weer eens bevestigd.

   Bij pt. 13. Ook deze jeugdige "nieuwe conservatieven" zullen ongetwijfeld op rijpere leeftijd, als gevolg van voortschrijdend inzicht, en vooral door een grotere afstand tot hun theologische opleiding, minder conservatieve denkbeelden gaan aanhangen.

   Tot slot danken wij alle betrokkenen voor de publicatie van dit belangwekkende rapport. Wij hopen dat dit tot zinvolle discussie zal leiden, die even openhartig zal zijn als dit rapport.

_____


twitter-icon-64


OVERIGE ARTIKELEN/SITE MAP


Alle vertalingen van artikelen © Peter van Montfoort